De halve van Zwolle

De halve van Zwolle Er zijn alweer wat weken voorbij sinds mijn eerste blog dus hoog tijd om een nieuwe update te plaatsen. Een week na het WK, op zaterdagavond 13 juni liep ik weer de halve van Zwolle. Een mooie wedstrijd waar ik de afgelopen drie jaar aan mee heb kunnen doen. Het is geen parcours voor een PR en het is ook geen wedstrijd om even te winnen, maar toch loop ik er graag. Mijn vriend helpt er als vrijwilliger; de vorige twee jaar wist hij zelfs een uitnodiging voor mij te regelen. Gek genoeg vind ik juist ook wel fijn dat er veel buitenlandse toplopers mee doen en het evenement zo groot is -in redelijke anonimiteit kan ik mee lopen en eenmaal over de finish besteed niemand bijzonder aandacht aan het feit dat ik gefinisht ben. Ik had in de week voorafgaand aan Zwolle amper getraind. Waar sommigen dit als iets positiefs zien – want tapering- werkt dit voor mij averechts. Meteen de eerste kilometers moest ik het al bekopen. Hoewel ik vanaf het begin de andere nederlandse vrouwen –op Kim Dillen na- voor wist te blijven, voelde het erg zwaar en was ik buiten adem. Ik dacht even nog aan uitstappen-als het nu al zo ging, hoe gaat het dan de komende 15 km? Ik nam mezelf voor door te lopen – al zou ik na 2 uur pas binnen komen, dat is altijd nog beter dan afhaken. Bij de 5 km zag ik mijn doorkomsttijd en deze was niet ver van mijn 5 km pr af. Ik besefte me dat ik weer eens te hard was gestart. Ik liet het tempo vallen tot het punt waar het comfortabel voelde.

Het parcours in Zwolle is mooi, met al dat publiek en dwars door de start, maar het is ook een uitdaging. Naast de vele kinderkopjes die je moet trotseren zijn er ook de andere lopers die je vanaf ronde twee moet inhalen. Tot zover alles prima, ware het niet dat er zoveel lopers zijn dat er een interessant interferentiepatroon ontstaat tussen de snellere en langzame lopers, vanaf ronde twee. In mijn geval betekende het naast veel vertragingen, slalommen en bumperkleven, ook een paar fysieke kennismakingen met andere lopers. Uiteraard probeer ik het te voorkomen maar in de praktijk bots ik wat af bij de halve van Zwolle. In mijn laatste rondje moest ik zelfs even naar adem happen toen ik een elleboog van een minder mobiele medeloper in mijn ribben kreeg. Het is iets wat er bij hoort in Zwolle en wat het ook wel weer afwisselend maakt. Natuurlijk zou je vooraf lopers instructies kunnen geven –zoveel mogelijk rechts houden tenzij je gaat inhalen- en natuurlijk zou men daar op kunnen toezien. Maar dit maakt het er niet leuker of gezelliger op. Het laat langzame lopers voelen dat ze er minder toe doen en ze gewoon moeten zorgen dat ze ruim baan geven aan de lopers waar het om draait. Niet terecht en niet nodig. Bovendien is er vaak gewoon geen ruimte voor om rechts aan te houden. Ik weet nog dat ik eens in een wedstrijd de snelste vrouw was en ik een voorfietser mee had. Omdat het twee rondjes waren liepen er veel langzamere lopers voor mij en mijn voorfietser bleek nogal fanatiek en wist iedereen met een harde fluit en luide stem met commando’s naar de berm te bonjouren. Hierachter liep ik, me voor elke geschrokken loper excuserende terwijl ik riep ‘het gaat wel zo, ik kan er wel langs’. Een beetje ongemakkelijk. Dan geef ik er toch de voorkeur aan om mezelf de laatste rondjes als een soort bowlingbal een weg door de meute te kegelen. Volgend jaar in de herhaling, ik kijk er nu al weer naar uit!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s